Amsterdam werkt aan impactgestuurde clubondersteuning

Tijdens het Nationale Sportcongres op Papendal (editie 2026) presenteerden de gemeente Amsterdam en NMC Bright hun aanpak voor Impactgestuurde Clubondersteuning. Met deze methode wil Amsterdam sportverenigingen en andere sportaanbieders niet alleen versterken op organisatorisch vlak, maar ook gericht bijdragen aan maatschappelijke doelstellingen. Met het uiteindelijke doel dat meer bewoners gaan sporten en bewegen.

Amsterdam ondersteunt momenteel circa 2.000 sportaanbieders via de reguliere clubondersteuning, vanuit de gemeente zijn sportaccounthouders actief, en vanuit de stadsdelen sportmakelaars. Daarnaast wordt bij een aantal focusclubs een nieuwe, impactgestuurde werkwijze ingevoerd, ontwikkeld in samenwerking met NMC Bright.

Onder de titel ‘Hoe maken we de sport echt voor iedereen?’ verzorgde Amsterdam een van de workshops tijdens het congres. Het Nationale Sportcongres geldt als een belangrijk platform voor ontmoeting en kennisdeling binnen de sport- en beweegsector. Tijdens de workshop stond vooral de maatschappelijke impact van sport centraal, een thema dat nadrukkelijk terugkomt in het coalitieakkoord van de hoofdstad.

Namens NMC Bright waren Jorrit Smit, teamlead Sport & Leefstijl, en Shanna Kulik, projectleider Impactgestuurde Clubondersteuning, aanwezig. Vanuit Smit een toelichting op het door NMC Bright ontwikkelde model. Marianne Verkade, programmacoördinator Vitale Sportclubs bij de gemeente, verzorgde het Amsterdamse deel van de presentatie.

Smit, voorheen coördinator clubondersteuning bij de KNVB, ziet een duidelijke verandering in de aanpak. “In het verleden werkten we vooral vraag- en aanbod gestuurd. Nu denken we meer vanuit de specifieke doelgroepen. De benadering verschuift van reactief naar proactief en van behouden naar vernieuwen.” Volgens Smit kijkt het ontwikkelde model verder dan alleen de vitaliteit van een vereniging. “Bij de selectie van focusclubs staat niet alleen de organisatorische kracht centraal, maar ook de maatschappelijke relevantie. Bovendien is het model niet uitsluitend geschikt voor sportverenigingen, maar voor alle sportaanbieders.”

Voor Amsterdam sluit deze aanpak goed aan bij de behoefte om de maatschappelijke waarde van clubondersteuning beter zichtbaar te maken. “De vraag was welke impact we feitelijk realiseren. Het model van NMC Bright biedt daarvoor een passend kader”, aldus Verkade.

De reguliere clubondersteuning blijft onverminderd doorgaan. Dat betekent onder meer clubbezoeken, gesprekken met verenigingen, versterken van clubs en het beantwoorden van hulpvragen. In het afgelopen jaar werden ongeveer 700 vragen van sportclubs behandeld. Verkade: “In Amsterdam starten we met pilots waarin de impactgestuurde methodiek wordt toegepast. Daarbij ligt de focus op drie doelgroepen: meiden, 55-plussers en mensen die aangepast willen sporten. De pilots vinden plaats in de stadsdelen Nieuw-West, Noord en Zuidoost”. Voorlopig zijn twintig clubs in beeld, voor Zuidoost is gestart met drie focusclubs.

Een belangrijk uitgangspunt is co-creatie. Verkade: “We willen samenwerkingsverbanden stimuleren in de breedste zin van het woord. Alleen door samen te werken kunnen we duurzame maatschappelijke impact realiseren.”

In Zuidoost is Shanna Kulik inmiddels gestart met de eerste gesprekken met deelnemende sportaanbieders. De aanpak wordt stapsgewijs ingevoerd en is toepasbaar voor zowel kwetsbare als vitale organisaties.

Volgens de betrokkenen is een van de grootste uitdagingen het voorkomen van kortetermijndenken. “Ervaring leert dat dit soort trajecten een lange adem vragen, zeker wanneer coalities en samenwerkingsverbanden worden opgebouwd”, zegt Verkade.

Smit verwees tijdens de workshop naar succesvolle voorbeelden uit andere steden, waar juist co-creatie een belangrijke katalysator bleek voor blijvende resultaten. Verkade: “In Zuidoost zijn de afgelopen jaren al diverse initiatieven ontwikkeld om de sportdeelname en clinics van meiden en sportaanbod via Sociale Basis om deelname van 55-plussers te vergroten. Ook is er ervaring opgedaan met sportaanbod voor mensen met een beperking”.

Naast samenwerking blijven financiering en structuur belangrijke aandachtspunten. Bewoners zoeken vaak naar continuïteit en overzicht in het sportaanbod. Daarom wordt binnen de methodiek nadrukkelijk aandacht besteed aan zowel de toeleiding naar sport als de ondersteuning van activiteiten en projecten.

Tijdens de opening van het congres werd bovendien gesproken over het versterken van fysieke en sociale infrastructuren binnen sport en bewegen. Doel is om betere verbindingen te creëren tussen sport, welzijn en andere beleidsterreinen binnen het sociaal domein. Een visie die nauw aansluit bij de uitgangspunten van Impactgestuurde Clubondersteuning.

Met de invoering van de pilots zet Amsterdam een volgende stap in het verbinden van sport en maatschappelijke ontwikkeling. De verwachting is dat de aanpak niet alleen meer structuur biedt aan sportaanbieders, maar vooral ook meer inwoners de weg naar sport en bewegen laat vinden.

Een presentatie die het congres meerwaarde gaf, maar zeker niet zou misstaan in een Sportcafé Zuidoost, wellicht met wat opwarmers tijdens de lokale netwerkborrels.

Jorrit Smit (NMC Bright), Marianne Verkade (gemeente Amsterdam), Shanna Kulik (NMC Bright) en Handa Loukil (moderator)

Scroll naar boven